De Jood Jezus

Inleiding

Rooms Katholieken verwijzen vaak naar het begin van het christendom voor hun supprematie. Het Katholieke geloof zou dan ook gesticht zijn door Jezus, terwijl protestantse kerken hun stichters vinden in de 16de en 17de eeuw.
Dit is echter een grove misvatting van zowel de geschiedenis als van het geloof van de meeste protestantse stromingen, die juist het gevoel hebben dat ze een beweging van terugkeer naar de eerste eeuw hebben gemaakt.

Luther

Maarten Luther (1483 – 1546) kan als de prominentste figuur uit de reformatie beschouwd worden, toch was het in eerste instantie niet Luthers bedoeling een nieuwe religie te stichten. Toen hij zijn 92 stellingen in Wittenberg aan de poort nagelde (een beweging die als het begin van de reformatie wordt beschouwd, maar niettemin discutabel is) wilde Luther vooral het misbruik rond de aflatenhandel aanklagen, en geloofde hij nog steeds dat de paus aan zijn kant zou staan. Luther was namelijk een priester en een quasi onbeduidende hoogleraar aan de Universiteit van Wittenberg. Priester worden was trouwens niet zijn eerste ambitie, zijn familie zag hem liever opteren als advocaat, maar nadat hij in een storm terecht was gekomen, beloofde hij God dat als hij levend uit die storm zou komen hij oprecht moeite voor God zou doen.

Doorheen zijn leven heeft Luther ontzettend veel gewetensangst gehad. Hij vroeg zich telkens af hoe hij als zondig mens waardig kon zijn in de ogen van God die heilig was. Hij was dus op zoek naar een genadige God. Dit resulteerde in een overdreven vroom leven die bestond uit bidden en studeren. Uiteindelijk kwam hij in zijn studie op wat bekend zou worden als de drie sola’s:

  • sola fide (door geloof alleen)
  • sola gratia (door genade alleen)
  • sola scriptura (door de Schrift alleen)

Die in feite, terwijl niet helemaal, toch nog steeds de pijlers zijn waarop het protestantisme is gebouwd. Een protestant gelooft dat hij door genade gered is, en niet door verdienste, in feite zoals prof. Merrigan het verwoordt zal een Katholiek goed leven omdat hij gelovig is, terwijl een protestant gelovig is, en daarom goed zal proberen te leven. Het sola gratia principe was dan ook voor Luther een verademing, die hem uiteindelijk kon doen nadenken over het feit dat hij mocht zondig zijn.

Het sola scriptura principe was uiteraard regelrecht gekant tegen de Katholieke kerk die twee vormen van openbaring heeft:

  • Enerzijds de schrift
  • Anderzijds de traditie

Daarom kan het ook heel moeilijk zijn om over dogmatische onderwerpen met een Katholiek te spreken als protestant omdat de inbreng nu eenmaal anders ligt. Een protestant beroept zich uitsluitend op de bijbel (die een negental boeken minder heeft dan de Katholieke bijbel) terwijl de Katholiek ook uit de traditie zal putten om zijn standpunt hard te maken. Zeker de kerkvaders (uit de eerste acht eeuwen van onze jaartelling) spelen hier een belangrijke rol in.

Verder heeft de paus sinds Vaticanum I ook het recht op onfeilbaar spreken, wat maar in uitzonderlijke gevallen gebeurt, maar die de paus niettemin een sublieme autoriteit en het hoogste woord geeft in de Katholieke kerk. Dit in tegenstelling tot het protestantisme. Een beroemd geworden uitspraak van Luther is “ieder zijn eigen priester” waarmee hij te kennen gaf dat iedere persoon zelf de bijbel kon bestuderen en tot conclusies kon komen.

Maar dit gezegd zijnde, mag men de reformatie niet reduceren tot deze ene persoonlijkheid. De reformatie was geen eensgezinde beweging met één leider en een groep volgers. Overal in heel Europa kwamen er denkers op, die vooral uit het Katholicisme voortkwamen, die hun ideeën poneerden en daarvoor vaak verketterd werden. Anderen, protestantse katholieken genoemd, bleven verbonden met de Katholieke kerk maar hadden niettemin protestantse ideeën, zolang ze zich stil hielden werden deze personen niet uit de kerk verwijderd. Anderen hebben zich actief teruggetrokken en begonnen eigen gemeentes op te richten.

Jezus: de stichter van de Katholieke kerk?

Jezus was een jood. Dat hoor je meteen aan zijn standpunt dat hij innam in de bergrede: “Denk niet dat ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om ze tot vervulling te brengen.” (Mat 5:17). Uiteindelijk stelde hij aan het kruis: “het is volbracht”. (Joh 19:30).

In zijn een- of driejarige bediening (daar is men niet zeker van daar in de synoptische evangeliën over één paasfeest wordt gesproken, terwijl in het Johannes-evangelie over drie paasfeesten wordt gesproken) heeft hij nooit een ander kerkgebouw betreden dan een synagoge of de tempel.
De manier waarop hij zijn bediening beleed was dezelfde zoals de meeste rabbi’s in die tijd te werk gingen; door mensen uit te nodigen hem te volgen en hen onderwijs te geven. En tot zelfs nog de vijfde eeuw zou de synagoge een plek zijn waar je de christenen zou kunnen vinden, ondanks dat ze ook afzonderlijk, vooral in huizen, samenkwamen, zoals Plinius de jongere ook optekende dat ze gewend waren voor dag en dauw bij elkaar te komen.

Ook bij het laatste avondmaal, werd allereerst het pesach-feest gevierd, een joods feest waarbij er een lam werd geslacht ter gedenking van de bevrijding uit Egypte. Pas daarna stelde Jezus het avondmaal des Heren in, waarin hij zijn lichaam als het brood weerspiegelde, en zijn bloed die vergoten zou worden als de wijn. Er was geen nieuwe religie gesticht, ook de term christenen kwam pas in gebruik na Jezus dood (Hand 11:26).

Petrus de eerste paus?

Jezus zei tegen Petrus: “Jij bent Petrus, de rots waarop ik mijn kerk zal bouwen, en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet kunnen overweldigen. Ik zal je de sleutels van het koninkrijk van de hemel geven, en al wat je op aarde bindend verklaard zal ook in de hemel bindend zijn, en al wat je op aarde ontbindt zal ook in de hemel ontbonden zijn.” (Mat 16:18-19). Hierop baseert de Katholieke kerk het primaatschap van Petrus als de eerste paus, en de pausen worden dan ook geteld vanaf Petrus. Let echter wel dat paus in de bijbel helemaal niet voorkomt, meer nog het was pas rond de vijfde eeuw, met Leo de Grote dat er daadwerkelijk sprake begon te komen van het primaatschap van Rome… Over het algemeen was de paus uitsluitend de bisschop van Rome (wat hij ook de dag van vandaag nog steeds is).

Toch is het niet zo duidelijk weer te geven in de Griekse tekst van Mat 16:18 of Jezus met de rots wel degelijk Petrus bedoelde, daar staat namelijk:
σὺ εἶ Πέτρος καὶ ἐπὶ ταύτῃ τῇ πέτρᾳ οἰκοδομήσω μου τὴν ἐκκλησίαν…
Letterlijk vertaald luidt het dan ook:

…Jij bent Petrus en op deze rots zal ik mijn gemeente bouwen…
Hier klinkt al duidelijk door dat de rots waarop Jezus zijn gemeente zou bouwen, onbepaald is in dit vers en niet noodzakelijk naar Petrus moet verwijzen. Meer nog in de bijbel wordt wel meer gegoocheld met woorden die op elkaar lijken in de oorspronkelijke taal, zoals hier Petrus en Petra.

Verder is ook interessant te melden dat in de discussie met Paulus in handelingen omtrent het volgen van de wet door de heidenen, niet Petrus het hoogste woord voert, maar wel Jakobus, de broer van de Heer.

De stichter van de protestante gemeentes

Lutheranen, calvinisten, zwinglianen, menonnieten… Allen worden ze genoemd naar de persoon die hun gemeente heeft gebouwd. Maar een protestant ziet zich vaak niet gebonden aan die persoon. Ze geloven uitsluitend dat die persoon het bij het rechte eind had. Meestal beroepen de protestantse gemeentes zich op de eerste eeuw. Zij zijn met andere woorden een terugkeer naar die eerste gemeentes. Vele protestantse gemeentes hebben dan ook helemaal geen besturend orgaan zoals dat het geval is bij de Katholieke Kerk. Er is geen persoon die onfeilbaar kan spreken. Meestal is het belangrijkste onderwerp van geloof nog steeds de Romeinse of Apostolische geloofsbelijdenis.

Verder gebruiken ze uitsluitend de bijbel als richtlijn om hun leven als christen vorm te geven. Toch zien we enigszins ook wel een vorm van traditie bij de eerste christenen terugkomen. De christelijke religie stond niet stil met de dood van Christus. Zij baseerde zich niet uitsluitend op de woorden van Jezus, maar evolueerden zelf ook. Zoals we b.v. uit de discussie van de besnijdenis of het aanhangen van de wet kunnen concluderen (Lees Handelingen). Toch moeten we opletten dat we dit niet verabsoluteren als een vrijgeleide om dan maar uit te gaan dat alle kerkvaders een deel van de inspiratie uitmaken. Handelingen het boek waar de evolutie van de kerk wordt geschetst is van een geheel andere categorie. Ook de term katholiek, die in algemene zin gewoon universeel betekent, is een term die pas in de 2de eeuw opgang begon te vinden in de christelijke kerk.