Terug naar Genesis

Buideldieren1

In de traditionele theologie worden de eerste elf hoofdstukken onderverdeeld in vier verhalen:
– Het verhaal van de schepping
– Het verhaal van de broedermoord
– Het verhaal van de zondvloed
– Het verhaal van de spraakverwarring

Verder kunnen deze verhalen twee aan twee bekeken worden… De verhalen over schepping en de zondvloed staan dan bekend als de breuk met God, de verhalen van de broedermoord en de spraakverwarring zijn dan de breuk van mensen onderling.

Het zijn leerverhalen die absoluut niet letterlijk moeten worden gelezen. Zo lijkt in het Hebreeuws het eerste hoofdstuk van genesis duidelijk een gedicht met heel veel taalspel en parallellisme, een belangrijk kenmerk van joodse poëzie. Dat is bijna niet te ontkennen als je dit eerste hoofdstuk in het Hebreeuws leest. Ook het idee dat met jom (het woord dat meestal vertaald wordt met dag) eerder een langere periode zou bedoeld worden, lijkt vergezocht als je de structuur van het gedicht bekijkt (en het werd avond en het werd morgen, een eerste dag (jom)). Toch was al iemand zoals Origenes in de 3de eeuw ervan overtuigd dat de dagen in het genesisverslag niet letterlijk mochten gelezen worden, omdat men al sprak van dagen, terwijl pas op de vierde dag de hemellichamen werden geschapen die hiervoor konden zorgen.

Ook het verhaal van de zondvloed kent zijn problemen. De ene keer wordt gezegd dat Noach een paar van elke soort mee moet nemen in de ark, dan weer wordt gezegd dat hij van alle reine dieren er zeven moet meenemen.

wereldkaartBuideldieren en de zondvloed

Een bekende kritische tegenwerping van mensen die niet geloven in de letterlijkheid van de zondvloed is het probleem met bepaalde dieren die enkel op bepaalde plaatsen op aarde voorkomen. Zo komen buideldieren enkel in Australië en in Zuid-Amerika voor. Als de zondvloed heeft plaatsgevonden, hoe zijn die dieren dan zo ver van de berg Ararat terecht gekomen? Zijn ze helemaal te voet tot in Australië gelopen?

Hier lijkt evolutie dan ook voordeel van verklaring te hebben… Deze dieren zijn gewoon daar tot hun soort geëvolueerd. De kangoeroe is dan ook in Australië tot het bekende buideldier geëvolueerd.

Het probleem is echter dat dit niet lijkt te kloppen met het fossielenverslag zoals het ons nu voorligt. De fossielen maken namelijk duidelijk dat buideldieren niet geëvolueerd zijn in Australië, maar afkomstig zijn uit eurazië2 en Noord-Amerika. De fossielen zijn schaars, maar één zo’n fossiel van een zoogdier Sinodelphys szalay is gevonden in de provincie van Lianing, in het noordoosten van China.3

Dus in feite, hoe je het ook bekijkt, vanuit evolutionistisch of creationistisch standpunt: hoe buideldieren in Australië zijn gekomen, lijkt, volgens de bewijzen die we nu voorhanden hebben het gevolg van verplaatsing.

Meer nog, het lijkt bijna plausibeler uit te gaan van een zondvloed, omdat die een verandering in atmosfeer en aardoppervlak kan verklaren die het gemakkelijker maakt voor mens en dier om via landbruggen naar andere delen van de wereld te reizen, aldus ICR, een organisatie van een groep creationistische wetenschappers.4

Zo zou tijdens de laatste ijstijd, die door de zondvloed zou veroorzaakt zijn, de zeespiegel zo’n 107 meter lager hebben gelezen dan nu het geval is5, waardoor verschillende landbruggen tussen eilanden zouden hebben bestaan en waardoor dus dier en mens gemakkelijk over land van één eiland naar een ander kon reizen.

1Gebaseerd op: http://www.icr.org/article/9806 (toegang: 04/02/2017)

2Cifelli, Richard, David, Brian, Marsupial Origins, in Science, Dec 12, 2003

3Ibid.

4Een belangrijk boek die dit allemaal verklaart werd al zo’n vijfentwintig jaar geleden door hen uitgegeven: Whitcomb, John, Morris, Henry M., The Genesis Flood (http://www.icr.org)